Recent Posts

Terug naar de kern

Een depressie overwinnen

Hoe beland je in een depressie en sterker nog hoe kom je er weer uit? Het is vaak een optelsom. Situaties, emoties en omstandigheden die daartoe bijdragen zijn voor iedereen anders. Jouw leven is gewoon jouw leven, totdat jij het hardop vertelt richting een hulpverlener… dan pas zie jij hoe bijzonder het eigenlijk is. Ik weet nog dat ik, als jong meisje, mijn levensverhaal deed bij een homeopathisch arts. Zes verschillende scholen, gewoond in drie verschillende landen in een jeugd waarin mijn ouders scheidden en opnieuw trouwden. Enigskind en mij continu aanpassen aan de omstandigheden; een taal leren hetzij Engels of iets anders, vrienden maken, loslaten en elders een nieuw leven opbouwen. Logisch dat ergens de veerkracht eruit gaat. Dat overkwam mij op mijn zestiende. 

Zwaarte

Ik sta voor de spiegel met mijn ellebogen een badje met oliewater voor mijn eczeem. Voor de zoveelste keer bijt ik boos op mijn tandvlees. Ik wil mijn huid er wel af stropen, want ik word gek van die jeuk. Ik kan mezelf nauwelijks aankijken in de spiegel, want wie is diegene die terugkijkt? Ik ben niet tevreden met wat ik zie. Een onopvallend muurbloempje die zich steeds stort op het leren van nieuwe dingen. Maar ook dat lukt, de laatste tijd nauwelijks. 

Ik ben ingedeeld in het vijfde leerjaar van het atheneum en trots dat ik als ik ‘slim’ wordt gezien, voel ik me er alles behalve thuis. De decaan verwelkomde mij met een waarschuwing ‘de klas is wel vreemd’. Hoe erg kan het zijn, denk ik. De zoveelste school, docent, leerling… het zal wel lukken.  De ene pauze beland ik in het ‘rokershok’ terwijl ik een hekel heb aan sigaretten. De andere pauze ga ik naar buiten om te constateren dat mijn ‘nieuwe vrienden’ mijn kleding ‘raar’ vinden. Ik weet mij geen houding te geven. Ik zoek naar aansluiting maar overal word ik afgewezen.

Een dag later word ik aangesproken door mijn mentor. Hij had gehoord over mijn tentamen Engels. Als een lopend vuurtje verspreidde het nieuws zich dat ik voor mijn tweede moedertaal een onvoldoende had gehaald. Verbluft over de toets-uitslag houd ik mijn hoofd hoog, maar wat moet ik nu met de roddels die zich verspreidden door de klas? Na de kerstvakantie heb ik geen energie meer om mijn herexamens te maken. Ik durf Engels en letterkunde niet te herkansen; bang om weer door de mand te vallen. Hoe houd ik mijn zelfbeeld hoog, als de definitie van mijzelf altijd is geweest ‘goede, slimme leerling’? 

Ziek. Depressief. Overspannen. Bleef ik thuis. Ik kon de energie gewoon niet meer opbrengen. Afwassen was een dagtaak. Drie puzzelstukjes leggen van een legpuzzel was meer dan genoeg. Ik wilde slapen. Ik wilde rust. Ik wilde mij sterker voelen maar zag geen uitweg. Het licht ging niet meer aan. Mijn moeder hield een lantaarn voor mij uit maar meer dan dat zag ik ook niet. Ik beleefde mijn leven als een donkere tunnel, zonder eind. 

Jaren later zeg ik het is het zwaarste wat ik heb mee gemaakt. Ik was mezelf kwijt. Ik kon mezelf niet meer definiëren, ik wist niet wie ik was. Ik had mezelf opgebouwd op basis van mijn leervermogen en nu dat tapijt onder mij uit was geschoven moest het anders. Maar hoe bouw je een toren zonder bouwblokken? Ik wist niet waar te beginnen. Ik was afgebrokkeld. Ik moest terug naar de kern.

De klim omhoog 

Ik had geen idee wat ik moest doen. Terugkomen bij mezelf. Wie was ik? Ik wist het niet. Ik was een optelsom van ervaringen, vaardigheden en dan vooral negatieve. Daar had ik weinig aan. Ik ontleende er geen kracht aan. Ik constateerde vooral wat ik allemaal niet was. Ik was niet diegene in de spiegel. Ik was niet een leerling op school. Ik was geen gemiddelde tiener. Ik was geen volwassen vrouw. Ik was blijkbaar niet intelligent want anders was mij dit nooit overkomen. Hoewel het heel stom voelde, was het belangrijk om te beseffen wat ben ik niet… Daardoor leerde ik afstand nemen van wie ik dacht te zijn. Het enge daaraan is dat er leegte ontstaat. 

Gelijk had ik het gevoel die leegte te willen opvullen met iets. Het voelt zo kwetsbaar dus eigenlijk alles kan. Kennis, drugs, alcohol… Gelukkig had ik niet de energie om het huis te ontvluchten. Binnenshuis wegkwijnen, was gek genoeg soort van mijn redding. Onder toeziend oog werd ik nauwkeurig gevolgd. Wat kon ik wel/niet? Wat was teveel? Grenzen werden voor mij getrokken omdat ik het gewoonweg niet meer kon trekken.  

Na maanden rust kon ik mij weer genoeg concentreren om te lezen. In de bibliotheek leende ik een boek over het enneagram. Daarin stonden negen persoonlijkheidstypen beschreven. Dat was een verademing. Ik herkende mij al snel in het type ‘Waarnemer’. Iemand die de kat-uit-de-boom kijkt, veel analyseert, in sociaal gezelschap nauwelijks opvalt omdat die weinig tot niks zegt. Ik herkende mij er 100% in. Het mooiste was nog wel dat een op de negen mensen zich erin kunnen herkennen. Ik was dus niet alleen. 

Het inzicht van het enneagram was mijn eerste houvast. Ik identificeerde mijzelf als een waarnemer; een observeerder, een analist, rustig en toch betrokken. Dit vormde de basis voor een goede dosis zelfacceptatie. Als een vreemde mij zo goed kon verwoorden in een boek dan was ik niet zo raar. Dan waren er meer mensen zoals ik. Dan hoefde ik niet zo erg mijn best te doen om ‘erbij te horen’. Ik mocht er gewoon zijn. Dat was pas een opluchting. Zo bleek ik eigenlijk al jaren in gevecht te zijn met mezelf. Wie ben ik? Wie word ik geacht te zijn? Wat werkt in mijn voordeel? Hoe word ik geaccepteerd? Allemaal vragen die continu meedraaiden op de achtergrond. 

Doorgaan

In het jaar dat volgende was het vooral een kwestie van toepassen wat ik had geleerd. Die jarenlange self-talk daarmee moest ik echt aan de slag. Die gaf zoveel negatief commentaar op alles wat ik deed en niet deed. Mijn hoofd had jaren overuren gedraaid; alles analyseren, overal verbeterpunten signaleren, mezelf altijd ‘hard toespreken van het moet beter. Mijn hoofd hield nooit op met praten. Als ik wilde slapen, zou ik mijn hoofd het liefst uit mijn hersenpan tillen en op sterkwater zetten, zodat ik wat rust zou krijgen. Maar dat lukte natuurlijk niet zo 1,2,3. Het was hard werken. 

Ik gaf mezelf voortaan toestemming om ‘niks te zeggen’. Dat voelde nogal tegennatuurlijk maar ik bleef het doen. Ik hoefde niet zo hard te werken van mezelf. Dus nam ik genoegen met minder inspanning. Een mbo-opleiding paste in dat straatje. Er gewoon zijn, was voorlopig genoeg. En ook al hoorde ik op mijn weg naar huis nog altijd mijn altijd kritische stem, concentreerde ik mij op het feit dat ik er mocht zijn. 

Uiteindelijk zit er niks anders op dan oefenen, oefenen, oefenen. Nu pas kan ik zeggen dat mijn hoofd eerder stil is dan druk. Bij die zelf-kritische stem gaat nu altijd een belletje af. Ik heb mezelf leren corrigeren. Ik heb doorgezet en mezelf ‘bewezen’ dat het wel kan. Het is een kwestie van vertrouwen in een positieve toekomst. Maar dat zeg ik nu, weer zestien jaar later. Een depressieve periode; is ook een enorm verrijkende ervaring.

Als een boom sta je stevig. Geworteld in de aarde, waai je mee met de wind. Totdat je knakt door een hevig storm. Je jaarringen worden zichtbaar. Je hebt zoveel opgebouwd. In een depressieve rouw wordt je afgeschaafd tot de kern. Alleen de eerste paar levensjaren blijven over. Je voelt je kwetsbaar, wankel op je benen, waai je mee met de wind. Er is weinig substantie. Er is geen persoonlijkheid. Een leeg omhulsel zonder inhoud. Maar als je doorzet ontstaat er weer een bast. Een die tegen weer en wind kan. Een die rijke sappen, binnenhoudt. Een die je beschermt tegen de gure wind. Pas dan sta je stevig, als boom geworteld in de grond. 

  1. Keuringsdienst Leave a reply
  2. Aandacht in het hier en nu Leave a reply
  3. Verbeter je ochtendroutine en je humeur Leave a reply
  4. Last van innerlijke onrust? Leave a reply
  5. 2018: Intenties neerzetten Leave a reply
  6. Leef jij op basis van tolerantie of acceptatie?  Leave a reply
  7. Zelfwaardering Leave a reply
  8. De kracht van Duidelijkheid Leave a reply
  9. Het belang van spelen Leave a reply